ECLI:NL:CBB:2004:AR8306
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overtreding Warenwetbesluit Vlees door te hoog Federgetal leverworst
Appellant exploiteert een slagerij en werd op 5 juli 2001 gecontroleerd door de Keuringsdienst van Waren. Tijdens deze controle werd een stuk leverworst bemonsterd waarvan het Federgetal 4,7 bleek te zijn, terwijl de maximale toegestane waarde 4,0 is volgens het Warenwetbesluit Vlees. De minister legde appellant daarop een bestuurlijke boete van €450,- op.
Appellant voerde in bezwaar en beroep meerdere grieven aan, waaronder dat hij niet aanwezig was tijdens de bemonstering, dat de leverworst nog niet geschikt was voor verkoop omdat deze te vers was en dat de controleambtenaar onrechtmatig handelde. Ook stelde appellant dat de leverworst in bacteriologisch opzicht in orde was en geen gevaar vormde voor de volksgezondheid.
Het College oordeelt dat het Federgetal van 4,7 juist is vastgesteld en dat de leverworst bestemd was voor verhandeling, ook al lag deze in de productieruimte. De boete is terecht opgelegd en er is geen aanleiding tot matiging. De argumenten van appellant, waaronder het bijzondere bereidingsproces en de locatie van de worst, leiden niet tot een andere beoordeling. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete van €450,- wordt bevestigd.