ECLI:NL:CBB:2004:AP1570
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- C.J. Borman
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke afwijzing beroep tegen weigering energieverklaringen op grond van onvoldoende onderbouwing energiebesparing
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen besluiten van 27 mei 2003 waarin hun bezwaren tegen de weigering van energieverklaringen op grond van artikel 3.42 Wet inkomstenbelasting 2001 werden afgewezen. De energieverklaringen betreffen investeringen in een condenserende warmtewisselaar en bijbehorende verwarmingsnetten in een kas.
Verweerder stelde dat de door appellanten gepresenteerde berekeningen onvoldoende betrouwbaar waren, omdat zij gebaseerd waren op vereenvoudigde aannames en niet voldeden aan de eis van een energiebesparing van ten minste 0,25 m3 aardgasequivalent per geïnvesteerde gulden. Verweerder adviseerde een 3D-computersimulatie of wetenschappelijk meetprogramma om de besparing aannemelijk te maken.
Appellanten voerden aan dat hun berekeningen juist waren en dat een 3D-simulatie of meetprogramma niet haalbaar was. Het College oordeelde dat de berekeningen niet voldoende recht doen aan de werkelijkheid, onder meer vanwege onjuiste aannames over temperatuurgradiënten en verwarmingscapaciteit. Ook het ontbreken van een onderbouwing waarom het hoge temperatuur verwarmingsnet buiten beschouwing kon blijven, leidde tot twijfel.
Het College concludeerde dat appellanten niet aan hun bewijslast hadden voldaan en dat verweerder terecht de energieverklaringen had geweigerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen kosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende onderbouwing van de vereiste energiebesparing.