ECLI:NL:CBB:2004:AO4456
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. van der Ham
- J.L.W. Aerts
- B. Hessel
- Rechtspraak.nl
College van Beroep vernietigt tuchtbeslissing en legt schriftelijke waarschuwing op aan registeraccountant
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een beslissing van de raad van tucht die zijn klacht tegen betrokkene ongegrond verklaarde. Het College constateert dat de raad van tucht zijn beslissing onvoldoende heeft gemotiveerd en niet duidelijk heeft gemaakt of er onderzoek naar de feiten is verricht. Hierdoor voldoet de beslissing niet aan de eisen van de Wet op de Registeraccountants.
Betrokkene had in opdracht van de ex-echtgenote van appellant rapporten opgesteld over de administratie van ondernemingen waarbij appellant als bedrijfsleider optrad. Het College oordeelt dat betrokkene niet onpartijdig heeft gehandeld in strijd met artikel 11, eerste lid, van de Gedrags- en beroepsregels voor Registeraccountants 1994, omdat hij onvoldoende navraag heeft gedaan bij appellant over ontbrekende stukken voordat conclusies werden getrokken.
Het College wijst de klacht van appellant toe dat hij niet in de gelegenheid is gesteld zijn visie te geven op de rapporten, maar oordeelt dat er geen algemene verplichting bestaat om conceptrapporten voor te leggen. Vanwege de ernst van de overtreding legt het College een schriftelijke waarschuwing op aan betrokkene en vernietigt de bestreden tuchtbeslissing.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de tuchtbeslissing vernietigd en een schriftelijke waarschuwing opgelegd aan de registeraccountant.