ECLI:NL:CBB:2004:AO3785
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Roemers
- W.E. Doolaard
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vraag over de betekenis van het begrip 'partij' in de subsidieregeling voor vleeskalveren
Appellante heeft beroep ingesteld tegen vier besluiten van verweerder waarin subsidie werd toegekend voor de opkoop van vleeskalveren, waarbij verweerder vier afzonderlijke partijen had vastgesteld op basis van vrachtwagenladingen. Appellante betoogde dat alle op één dag van haar bedrijf afgevoerde dieren als één partij moesten worden beschouwd, wat zou leiden tot een hogere subsidie.
Verweerder verwees naar de definitie in de Regeling subsidie opkoop MKZ, waarin een partij wordt omschreven als dieren die met één transportmiddel van één landbouwbedrijf worden afgevoerd. De Europese Commissie had bovendien vastgesteld dat de Nederlandse interpretatie van het begrip 'partij' als alle dieren die op één dag werden afgevoerd onjuist was, en dat elke vrachtwagenlading als aparte partij moest worden beschouwd.
Het College constateert dat over de uitleg van het begrip 'partij' redelijkerwijs twijfel bestaat, mede omdat in de verordening ook het begrip 'vracht' wordt gebruikt, dat lijkt te verwijzen naar een vrachtwagenlading. Daarom heeft het College het onderzoek heropend en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over de betekenis van het begrip 'partij' in de subsidieregeling.
De zaak bevat uitgebreide procedurele stappen, waaronder meerdere zittingen, schriftelijke stukken, getuigenverklaringen en correspondentie tussen partijen en overheidsinstanties. Het geschil draait om de correcte toepassing van de subsidieregeling en de uitleg van begrippen die van invloed zijn op de hoogte van de toe te kennen subsidie.
Uitkomst: Het College heropent het onderzoek en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg over de betekenis van het begrip 'partij' in de subsidieregeling.