ECLI:NL:CBB:2004:AO2133
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen regeling tijdelijke vrijstelling gewasbeschermingsmiddelen eerste kwartaal 2004
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen de Regeling tijdelijke vrijstelling gewasbeschermingsmiddelen eerste kwartaal 2004, uitgevaardigd door de Minister van Landbouw. Zij verzocht de regeling bij voorlopige voorziening te schorsen wegens strijdigheid met Europese regelgeving.
De voorzieningenrechter oordeelt bevoegd te zijn tot beoordeling van het verzoek en stelt vast dat de regeling een toepassing geeft aan artikel 16aa van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 die onmiskenbaar in strijd is met de Europese richtlijn 91/414/EEG. De richtlijn vereist dat gewasbeschermingsmiddelen alleen worden toegelaten indien zij voldoen aan strenge milieu- en gezondheidscriteria, ook tijdens de overgangsperiode.
De regeling verleent vrijstellingen zonder dat de middelen zijn getoetst aan deze criteria, wat strijdig is met de richtlijn. Voor het middel Wopro-pirimifos-methyl is de toelating ingetrokken en de regeling is ten onrechte op dit middel van toepassing verklaard, zodat het verzoek voor dit middel wordt afgewezen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe en schorst de regeling, met uitzondering van het middel Wopro-pirimifos-methyl. De schorsing gaat in op 28 januari 2004 en vervalt zes weken na bekendmaking van het besluit op bezwaar of bij beëindiging van het geschil. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De regeling tijdelijke vrijstelling gewasbeschermingsmiddelen eerste kwartaal 2004 wordt geschorst, behalve voor het middel Wopro-pirimifos-methyl.