ECLI:NL:CBB:2003:AN8959
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- D. Roemers
- M.A. van der Ham
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging landbouwheffing wegens onttrekking aan douanetoezicht melkpoeder
Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Landbouw tot betaling van landbouwheffing over melkpoeder dat onttrokken zou zijn aan het douanetoezicht. De zaak betreft de levering van grote hoeveelheden melkpoeder van GOS/Baltische oorsprong tegen opvallend lage prijzen, waarbij verweerder appellante aansprakelijk hield voor de douaneschuld op grond van artikel 203 CDW Pro.
Het geschil spitst zich toe op de vraag of appellante wist of redelijkerwijze had moeten weten dat de melkpoeder onttrokken was aan het douanetoezicht. Verweerder baseerde zich op processen-verbaal, getuigenverklaringen en onderzoek waaruit bleek dat de goederen onttrokken waren. Appellante voerde aan dat de lage prijs verklaard kon worden door toepassing van het actieve veredelings- en equivalentieverkeer, dat in die periode mogelijk was.
Het College oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat appellante daadwerkelijk op de hoogte was van de onttrekking, mede gelet op het feit dat het productschap zuivel en de Europese Commissie het equivalentieverkeer toestonden en dat de kwaliteitseisen pas na de leveringsperiode werden aangescherpt. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen van het College. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot betaling van landbouwheffing wordt vernietigd.