ECLI:NL:CBB:2003:AN8421
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen intrekking taxivergunning wegens niet voldoen vakbekwaamheidseis
Verzoeker, exploitant van een taxionderneming, kreeg zijn vergunning voor taxivervoer ingetrokken omdat hij niet voldeed aan de vakbekwaamheidseis zoals bepaald in de Wet personenvervoer 2000 en het Besluit personenvervoer 2000. Hoewel hij gebruik maakte van een overgangsregeling, moest hij uiterlijk 1 juli 2001 voldoen aan de vakbekwaamheidseisen, waarvoor hij een erkend diploma moest overleggen.
Verzoeker had meerdere malen uitstel gekregen om het vereiste diploma te behalen, maar slaagde er niet in de laatste twee modules van het AOV-diploma met goed gevolg af te ronden. Hij stelde dat zijn diploma handelskennis ambulante handel gelijkgesteld moest worden en dat de vakbekwaamheid binnen zijn onderneming werd ingebracht door een procuratiehouder. Dit werd door verweerder en de voorzieningenrechter verworpen omdat geen vrijstelling was verleend en een nieuwe vergunningaanvraag vereist is voor inbreng van vakbekwaamheid door een procuratiehouder.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker voldoende tijd had gehad om aan de vakbekwaamheidseis te voldoen en dat het niet behalen van de diploma's voor zijn rekening en risico kwam. Ook werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur niet aanvaard. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de taxivergunning wegens niet voldoen aan de vakbekwaamheidseis is afgewezen.