ECLI:NL:CBB:2003:AN1241
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing slachtpremie wegens niet-naleving registratieverplichtingen runderen
Appellant diende meerdere aanvragen in voor slachtpremie over het jaar 2000, waaronder voor drie runderen geslacht bij slagerij C. Verweerder weigerde de premie voor deze drie runderen vanwege het niet correct bijhouden van ID-codes door het slachthuis. Appellant voerde aan dat de runderen daadwerkelijk geslacht waren en dat de nalatigheid van het slachthuis buiten zijn verantwoordelijkheid viel.
Het College oordeelde dat het besluit voor het rund met levensnummer NL 149646981 onvoldoende gemotiveerd was omdat niet duidelijk was welke registratie-eisen het slachthuis had geschonden. Voor de runderen NL 168704400 en NL 199380495 stelde het College vast dat de aanvraag door het slachthuis moest worden ingediend en dat appellant het risico droeg van onvolkomenheden. Verweerder mocht echter aanvullende bewijsstukken vragen.
Het College vond het bewijs voor het rund geslacht op 23 oktober 2000 onvoldoende, maar achtte het bewijs voor het rund geslacht op 6 november 2000 voldoende, mede vanwege de afmelding en melding in het I&R-register en de rekening van het slachthuis. Het beroep werd gegrond verklaard voor de runderen NL 149646981 en NL 168704400 en het besluit vernietigd. Verweerder moet opnieuw beslissen en werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de slachtpremie voor twee runderen wordt vernietigd.