ECLI:NL:CBB:2003:AH9206
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen erkenning Stichting Keten Kwaliteit Melk
Verzoekers, melkveehouders die in maatschapverband een melkveehouderij exploiteren, maakten bezwaar tegen besluiten van 30 januari en 19 februari 2003 waarbij de Stichting Keten Kwaliteit Melk werd erkend als erkenningsinstantie en de inwerkingtreding van delen van de Zuivelverordening werd vastgesteld.
De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek om een voorlopige voorziening om deze besluiten te schorsen. Verzoekers stelden dat zij door de besluiten rechtstreeks worden geraakt omdat zij zonder erkenning per 1 mei 2003 strafbaar zouden zijn en met maatregelen van de zuivelindustrie te maken krijgen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekers geen rechtstreeks belang hebben bij het besluit tot erkenning van de Stichting, omdat de verplichtingen voortvloeien uit de Verordening zelf en niet uit het besluit. Ook is bezwaar tegen het besluit tot inwerkingtreding uitgesloten volgens de Awb. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
De uitspraak benadrukt dat individuele belangen bij nadere besluiten kunnen worden aangevochten en dat verzoekers zich eenvoudig kunnen conformeren door erkenning aan te vragen. De procedurekostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de erkenning van de Stichting Keten Kwaliteit Melk en de inwerkingtreding van de Zuivelverordening is afgewezen wegens ontbreken van rechtstreeks belang.