ECLI:NL:CBB:2003:AG4056
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Verwayen
- H.C. Cusell
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tuchtbeslissing wegens onvoldoende bewijs niet tijdige oplevering jaarrekening 2000
Appellant, een accountant, werd door de raad van tucht gedeeltelijk terechtgewezen wegens het niet tijdig afronden van de jaarrekening 2000 voor klaagster, die een betalingsregeling was overeengekomen. Klaagster stelde dat zij een afspraak had gemaakt dat de jaarrekening uiterlijk 15 december 2001 gereed zou zijn, terwijl appellant dit ontkende en er geen schriftelijke bevestiging van een dergelijke termijn was.
Tijdens de procedure bleek dat de briefwisseling en faxen wel een spoedige oplevering vermeldden, maar geen concrete termijn of cruciale datum zoals 15 december 2001. Ook was niet gebleken dat appellant op de hoogte was van de gevolgen van vertraging voor de financiering van klaagster. De bank bevestigde dat de jaarcijfers uiterlijk 15 december 2001 vereist waren, maar dit was niet aan appellant medegedeeld.
Het College concludeerde dat onvoldoende aannemelijk was dat appellant de jaarrekening niet tijdig had afgerond en dat de klacht ongegrond was. Het beroep werd gegrond verklaard en de bestreden tuchtbeslissing vernietigd voor zover deze het klachtonderdeel betrof. De uitspraak is gebaseerd op titel IV van de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten, met name artikel 5 GBAA Pro.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het klachtonderdeel dat appellant de jaarrekening 2000 niet tijdig heeft afgerond wordt ongegrond verklaard.