ECLI:NL:CBB:2002:AF0465
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- J.A. Hagen
- M.A. Fierstra
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen privaatrechtelijke borgtochtvordering afgewezen
Appellante, houdster van alle aandelen in Decostone B.V., stelde zich borg voor een krediet toegekend aan Decostone onder de Kredietregeling milieugerichte productontwikkeling. Na faillissement van Decostone werd appellante aangesproken voor de terugbetaling van het krediet. Verweerder stuurde een brief met een betalingsverzoek, waartegen appellante bezwaar maakte. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Het College oordeelde dat het betalingsverzoek van verweerder geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht was, maar een privaatrechtelijke handeling voortvloeiend uit de borgtochtsovereenkomst. Hierdoor was bezwaar maken niet mogelijk. Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard, hoewel de niet-ontvankelijkheid op een onjuiste grond was gebaseerd.
Het College veroordeelde de Staat tot vergoeding van het door appellante betaalde griffierecht en de proceskosten. De zaak benadrukt de scheiding tussen publiekrechtelijke besluiten en privaatrechtelijke vorderingen in het kader van borgstellingen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar tegen het privaatrechtelijke betalingsverzoek niet-ontvankelijk was; de Staat wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.