ECLI:NL:CBB:2002:AE7540
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing hoogdrempeligheid horecagelegenheid voor kansspelautomatenvergunning
Appellant exploiteert een horecagelegenheid binnen een sportcomplex en verzocht om een vergunning voor het aanwezig hebben van een kansspelautomaat. De burgemeester van Maastricht wees de aanvraag af omdat de inrichting als geheel als laagdrempelig werd aangemerkt, mede vanwege het frequente gebruik door jongeren onder 18 jaar en de nauwe relatie met de sporthal.
Het College oordeelt dat het begrip inrichting in dit kader niet juist is toegepast door verweerder, omdat het café met aangrenzende zalen als een besloten horecalokaliteit kan worden beschouwd die zelfstandig kan worden aangemerkt. Het feit dat het café een eigen buiteningang heeft en het sportcomplex via een portaal bereikbaar is, ondersteunt deze zelfstandigheid.
Verder stelt het College dat het cafébezoek op zichzelf staat, los van het sportgebruik, en dat het feit dat bezoekers vaak ook de sporthal gebruiken niet uitsluit dat de inrichting hoogdrempelig kan zijn. De aanwezigheid van jongeren sluit niet uit dat de activiteiten zich in belangrijke mate richten op personen van 18 jaar en ouder.
Het College vernietigt het bestreden besluit en beveelt de burgemeester om opnieuw te beslissen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met opdracht tot hernieuwde beslissing.