ECLI:NL:CBB:2001:AD7634
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Roemers
- M.A. van der Ham
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling praktijkproef makelaar onroerend goed en bezwaar tegen onvoldoende resultaat
Appellant legde op 21 september 2000 een praktijkproef af voor beëdiging als makelaar in onroerende zaken, welke door de commissie Makelaardij van de Kamer van Koophandel als onvoldoende werd beoordeeld. Appellant maakte bezwaar tegen deze beoordeling, waarop de commissie Bezwaarschriften slechts twee punten gegrond verklaarde, maar het besluit grotendeels in stand hield.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het beroep van appellant behandeld en overwogen dat de samenstelling van de beoordelingscommissies rechtmatig was en dat de mondelinge toelichting binnen de regels viel. De inhoudelijke beoordeling van de praktijkproef werd bevestigd, mede omdat appellant onvoldoende onafhankelijke deskundige onderbouwing leverde om het oordeel van de commissie te weerleggen.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het besluit van de Kamer van Koophandel blijft van kracht, waardoor appellant niet als beëdigd makelaar werd toegelaten.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit dat zijn praktijkproef onvoldoende was, wordt ongegrond verklaard.