ECLI:NL:CBB:2001:AD4039
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens ontbrekende machtiging
Appellante diende een aanvraag in voor een S&O-verklaring, maar verweerder verklaarde haar bezwaar tegen het niet in behandeling nemen van die aanvraag niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een tijdige en volledige machtiging. Appellante had de machtiging pas na de gestelde termijn ingediend en leverde geen uittreksel uit het handelsregister aan om de bevoegdheid van de gemachtigde aan te tonen.
Het College overwoog dat verweerder terecht het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat de machtiging niet tijdig was verstrekt en de bevoegdheid niet was aangetoond. Appellante kon niet aannemelijk maken dat bijzondere omstandigheden haar verhinderden om binnen de termijn de gevraagde gegevens te verstrekken.
Ook het betoog dat verweerder het bezwaar inhoudelijk had kunnen behandelen, werd verworpen. Het College oordeelde dat verweerder niet over een behoorlijke machtiging beschikte en dat appellante voldoende gelegenheid had gehad om te reageren op de onvolledigheid van de machtiging.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door mr M.J. Kuiper op 26 september 2001.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van een tijdige en volledige machtiging.