ECLI:NL:CBB:2001:AB2510
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting op schadevergoeding bij klassieke varkenspest wegens niet-melden varkensaanvoer
Op het bedrijf van appellant werd klassieke varkenspest vastgesteld, waarna de varkens werden gedood en de schade werd getaxeerd op fl. 511.535,15. Verweerder kende een tegemoetkoming toe van fl. 332.497,85, met een korting van 35% wegens het drie keer niet melden van varkensaanvoer bij het Identificatie- en Registratiebureau.
Appellant maakte bezwaar tegen deze korting en stelde dat het een strafrechtelijke sanctie betrof, dat de korting onevenredig was en in strijd met het gelijkheidsbeginsel, en dat de Verordening waarop de korting is gebaseerd niet rechtsgeldig was. Tevens voerde appellant aan dat de meldingsplicht niet tot verhoogd risico leidde en dat de procedure niet correct was verlopen.
Het College oordeelde dat de korting geen strafrechtelijke sanctie is en dus niet onder artikel 6 EVRM Pro valt. De korting is een niet-onevenredige maatregel ter bescherming van volksgezondheid en bestrijding van varkenspest. Het niet melden verhoogt het risico op verspreiding van het virus, ongeacht of in het concrete geval daadwerkelijk verspreiding plaatsvond. Het gelijkheidsbeginsel wordt niet geschonden omdat preventieve ruiming anders wordt behandeld dan repressieve ruiming.
De procedure werd als correct beoordeeld en appellant werd niet benadeeld door vermeende schendingen van hoor en wederhoor. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de korting van 35% op de schadevergoeding wegens niet-melden van varkensaanvoer wordt ongegrond verklaard.