ECLI:NL:RVS:2013:1964
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag vergoeding planschade na bestemmingsplanwijziging in Aalsmeer
Appellant, eigenaar van een woning te Aalsmeer, verzocht het college om vergoeding van planschade wegens een bestemmingsplanwijziging waarbij een nabijgelegen gebied werd bestemd voor bedrijfsdoeleinden in plaats van agrarisch gebruik. Het college wees de aanvraag af en handhaafde dit besluit in bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State onderzocht of appellant door de wijziging in het planologische regime in een nadeliger positie is gekomen, waarbij de maximale planologische mogelijkheden van het oude en nieuwe bestemmingsplan worden vergeleken. Uit adviesrapporten bleek dat onder het oude bestemmingsplan glastuinbouw mogelijk was, wat ook onder het nieuwe planologisch regime het geval was. De Raad oordeelde dat het niet aannemelijk is dat de vestiging van glastuinbouw met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kon worden uitgesloten, ondanks betwisting van de rendabiliteit.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat geen planologische verslechtering is opgetreden en dat appellant daarom geen recht heeft op vergoeding van planschade. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de vergoeding van planschade bevestigd.